Artikel 1 – De administratieve kost die door de aanvrager betaald dient te worden vooraleer het dossier behandeld wordt, wordt vastgelegd op 50,00 EUR. Indien de vergunning voor het overwelven van de baangracht door het schepencollege verleend wordt, zal dit bedrag in mindering gebracht worden van de totale gevraagde bijdrage aan de aanvrager. Dit artikel is niet van toepassing bij een aanvraag volgens de bepalingen van navolgend artikel 2.
De administratieve kost die door de aanvrager betaald dient te worden vooraleer het dossier behandeld wordt, wordt vastgelegd op 50,00 EUR. Indien de vergunning voor het overwelven van de baangracht door het schepencollege verleend wordt, zal dit bedrag in mindering gebracht worden van de totale gevraagde bijdrage aan de aanvrager. Dit artikel is niet van toepassing bij een aanvraag volgens de bepalingen van navolgend artikel 2.
Artikel 2 – Indien de aanvrager de overwelving dient aan te vragen naar aanleiding van werkzaamheden uitgevoerd in opdracht van de overheid, wordt de gevraagde bijdrage aan de aanvrager als volgt vastgelegd:
- 0,00 EUR voor een eerste overwelving van 5 meter
- 500,00 EUR voor een eerste overwelving van 7,50 meter
- 1.000,00 EUR voor een tweede overwelving van 5 meter
- 1.500,00 EUR voor een tweede overwelving van 7,50 meter
- 250,00 EUR voor de plaatsing van een voetpaadje volgens het dek-op-oever-principe.
Artikel 3 – Indien de aanvrager de plaatsing van de overwelving op eigen initiatief wenst uit te voeren, wordt de gevraagde bijdrage aan de aanvrager als volgt vastgelegd:
a. ingeval van overwelvingen van baangrachten langs gewestwegen, waterlopen, verkavelingen, …:
- 1.000,00 EUR voor een eerste overwelving van 5 meter
- 1.500,00 EUR voor een eerste overwelving van 7,50 meter
- 1.250,00 EUR voor een tweede overwelving van 5 meter
- 1.750,00 EUR voor een tweede overwelving van 7,50 meter
- 250,00 EUR voor de plaatsing van een voetpaadje volgens het dek-op-oever-principe.
b. ingeval van een gekoppelde overwelving verdeeld over twee aanliggende percelen:
- 1.500,00 EUR voor een overwelving van 7,50 meter
c. ingeval van een overwelving langs een baangracht in landbouwzone:
- 1.000,00 EUR voor een eerste overwelving van 5 meter
- 1.500,00 EUR voor een eerste overwelving van 7,50 meter
- 1.250,00 EUR voor een tweede overwelving van 5 meter
- 1.750,00 EUR voor een tweede overwelving van 7,50 meter
d. ingeval van aanvragen voor het overwelven van baangrachten in andere situaties dan hierboven beschreven:
- 1.000,00 EUR voor een eerste overwelving van 5 meter
- 1.500,00 EUR voor een eerste overwelving van 7,50 meter
- 1.250,00 EUR voor een tweede overwelving van 5 meter
- 1.750,00 EUR voor een tweede overwelving van 7,50 meter
- 250,00 EUR voor de plaatsing van een voetpaadje volgens het dek-op-oever-principe.
Artikel 4 - De bijdrage voor de aanvrager in de kosten voor de afbraak van een bestaande overwelving op eigen initiatief wordt als volgt vastgelegd:
- 80,00 EUR voor de afbraak van een kopmuur
- 240,00 EUR voor de afbraak van een overwelving van 5 meter
- 280,00 EUR voor de afbraak van een overwelving van 7,50 meter
- 50,00 EUR voor de afbraak van een voetpaadje volgens het dek-op-oever principe
Artikel 5 – De bijdrage voor de aanvrager in de kosten voor het uitbreiden van een bestaande overwelving op eigen initiatief wordt als volgt vastgelegd:
700,00 EUR per uitbreiding van 2,50 meter vermeerderd met de afbraakkosten van de kopmuur, vastgelegd op 80,00 EUR per kopmuur.
Artikel 6 – Indien de aanvrager op eigen initiatief een bestaande overwelving wenst te verplaatsen, wordt de plaatsing van de nieuwe overwelving aangerekend volgens bovenstaand overzicht vermeerderd met de kost van de afbraak van de bestaande overwelving.